Vaccinaties

undefined 

Influenza
Deze virusziekte is een voorste luchtweginfectie die gepaard kan gaan met hoge koorts, niet eten, algemeen ziek zijn en hoesten. Door de slijmvliesbeschadigingen veroorzaakt door het virus kunnen secundaire infecties ontstaan, bv in de longen waardoor blijvende longschade kan optreden.

Vaccinatieschema:

Basis: 2 maal vaccineren met 21-92 dagen tussentijd,
Daarna 1 maal binnen het jaar herhalen.
Voor FEI ruiters geldt: elk half jaar herhalen.
Let op! Niet binnen 7 dagen voor een wedstrijd vaccineren!

Tetanus
Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetanie. Een infectie kan ontstaan bij een verwonding. Paarden zijn erg gevoelig voor deze bacterie en kunnen eraan sterven. De bacterie is een bodembewoner en komt overal om ons heen voor. De infectie veroorzaakt stijfheid, kramp en later sterfte. Een goede preventie hiervan door vaccinatie is van levensbelang.

Vaccinatieschema:

Basis: 2 maal vaccineren met 4-6 weken tussentijd.
Daarna 1 maal per jaar herhalen.

Rhinopneumonie
Dit Herpesvirus kan verkoudheid en abortus veroorzaken. Bij uitzondering kan een infectie hiermee gevolgd worden door verlammingsverschijnselen.

Vaccinatieschema:

Basis: 2 maal vaccineren met 4-6 weken tussentijd
Daarna 2 maal per jaar herhalen
Voor bescherming tijdens de dracht geldt:
Na de basisvaccinatie herhalingsinjecties geven in maand 5,7 en 9 van de dracht. 

Droes
Zeer besmettelijke ziekte die veroorzaakt wordt door de bacterie Streptococcus equi
Vooral jonge paarden zijn gevoelig, zij worden verkouden en krijgen sterk gezwollen lymfeklieren, die meestal als een abces zullen rijpen en openbarsten. Na deze infectie ontstaat een goede immuniteit die meestal levenslang zal aanhouden.
Omdat het doormaken van dit proces ook risicovol kan zijn ivm het naar binnen slaan van deze infectie: ‘verslagen droes’ is het ook mogelijk om preventief te vaccineren.

Vaccinatieschema:

Mogelijk vanaf 4 maanden leeftijd
Basis: 2 maal vaccineren met 4-6 weken tussentijd
Daarna om de 3 maanden hervaccineren.

West-Nile virus
Dit zich over de aardbol uitbreidende virus wordt door muggen overgebracht. Via trekvogels als tussengastheer kan deze ziekte zich over grote afstanden verplaatsen.

De ziekte werd als eerste aangetroffen in Afrika, vandaar de naam, maar heeft inmiddels zich ook al verspreid over Amerika. Ook in Zuidelijk Europa zijn er besmettingen gemeld.
De ziekte kenmerkt zich door hoge koorts, coördinatiestoornissen en spiertrillingen en uiteindelijk sterfte door verlamming.

Vaccinatieschema:

Basis: 2 maal vaccineren met 3-5 weken tussentijd
Daarna jaarlijks herhalen.

Schimmelinfectie
Huidschimmels komen regelmatig voor bij met name jonge paarden of paarden met een verminderde weerstand. Vaak geneest deze infectie uit zichzelf . Bij een flinke uitbraak is het ook mogelijk om de infectie met anti-schimmelmiddelen te bestrijden.
Bij zeer hardnekkige gevallen of dieren die naar een keuring gaan en snel moeten genezen is het mogelijk om deze infectie met een vaccinatie te bestrijden.

Vaccinatieschema:

Twee maal met 2-3 weken tussentijd, naar behoefte herhalen.